Wilde bijen in een natuur-inclusieve wijngaard

Van de 359 wilde bijensoorten in Nederland staat 55 procent op de Rode Lijst als bedreigd of verdwenen. Dat blijkt uit de Rode Lijst Bijen uit 2018, opgesteld door EIS Kenniscentrum Insecten in opdracht van het ministerie van LNV.
Een pesticidevrije wijngaard met bloemrijke randen kan voor juist die soorten het verschil maken. Niet omdat de wijnstok bestuivers nodig heeft, want dat is niet zo, maar omdat de randen eromheen voedsel en nestruimte bieden in een landschap waar dat schaars is geworden.
Bij ons is dat in de zomer goed te zien. Phacelia, goudsbloem, cosmea en malva bloeien door elkaar heen langs de percelen, en het gonst er van de bijen.
Wat is een wilde bij eigenlijk?
Denken mensen aan bijen, dan denken ze aan de honingbij. Die leeft in een kolonie, wordt gehouden door een imker en is eigenlijk een gedomesticeerd dier.
Wilde bijen zijn iets heel anders. De meeste van die 359 soorten leven solitair: elk vrouwtje bouwt haar eigen nestje in een gaatje in de grond, een holle stengel of dood hout. Geen korf, geen koningin, geen honingvoorraad.
Veel soorten zijn bovendien kieskeurig. Sommige vliegen alleen op één plantenfamilie, andere hebben maar een paar weken per jaar om te vliegen, te paren en een nest te bouwen.
Die specialisatie maakt ze kwetsbaar. Verdwijnt hun favoriete bloem, of bloeit die net buiten hun vliegperiode, dan is er geen uitwijkmogelijkheid.
| Honingbij | Wilde bij | |
|---|---|---|
| Soorten in Nederland | 1, een gehouden dier | 359 |
| Leefwijze | in een kolonie bij een imker | meestal alleen, elk eigen nest |
| Nestplek | een korf | grond, holle stengels of dood hout |
| Rode Lijst | niet beoordeeld | 55% bedreigd of verdwenen |
Heeft een wijnrank bijen nodig?
Nee. De bloemen van de wijnrank zijn klein, groenachtig en nectararm. Insecten komen er soms op af voor het stuifmeel, maar voor de vruchtzetting maakt dat niets uit.
Bij de gecultiveerde rassen zijn de bloemen tweeslachtig: stuifmeel en stamper zitten in dezelfde bloem. Een beetje wind of trilling volstaat, en de rank bestuift zichzelf. Hoe dat precies gaat staat in ons artikel over de bloei van de wijnstok.
Toch loopt het bij ons vol met bijen, hommels en vlinders. Niet dankzij de rank, maar dankzij alles eromheen: de bloemrand langs het perceel, de kruiden tussen de rijen, en stroken die we bewust niet maaien.
Omdat de wijnrank zelf nauwelijks bestuivers trekt, is er ook geen concurrentie met de bloemrand ernaast. De wijngaard wordt zo een stapsteen tussen andere leefgebieden.
Wat doen we er concreet aan?
Natuur-inclusieve wijnbouw gaat verder dan het weglaten van chemische middelen. Biologische landbouw legt het accent op wat je niet gebruikt; natuur-inclusief voegt daar gerichte maatregelen aan toe die het perceel zelf leefbaar maken.
Bij ons betekent dat bloeiende bodembedekkers tussen de rijen, structuurvariatie met dood hout en onbewerkte grond, en randen die het hele seizoen door iets in bloei hebben.
Onder de grond werkt hetzelfde principe: hoe minder je de bodem verstoort, hoe meer er leeft. Wat daar gebeurt staat in ons artikel over een gezonde en levende bodem.
Die spreiding in bloeitijd is minstens zo belangrijk als de hoeveelheid bloemen. Een soort die in april vliegt heeft niets aan een rand die pas in juli op zijn mooist is.

Het fundament ligt bij de rassenkeuze. We telen uitsluitend piwi’s: rassen als Muscaris, Souvignier gris en Cabernet Blanc die van nature goed tegen meeldauw kunnen.
Daardoor hoeven we veel minder te behandelen dan bij klassieke rassen. Minder bespuiting betekent minder verstoring van het bodemleven en minder risico voor de insecten die hier leven.
Waarom reikt dit verder dan onze wijngaard?
Een groot deel van onze voedselgewassen is wél afhankelijk van insecten: appels, peren, courgette, framboos.
Het rapport over bestuivers uit 2016 van IPBES, het intergouvernementele biodiversiteitspanel dat aan de Verenigde Naties is verbonden, zet er getallen bij: bijna 90 procent van alle wilde bloeiende planten is voor voortplanting afhankelijk van dierlijke bestuiving, en meer dan driekwart van de belangrijkste voedselgewassen ter wereld profiteert ervan.
Onze wijngaard is voor de vruchtzetting niet van insecten afhankelijk. Het landschap eromheen, met boomgaarden, moestuinen en akkers, wel.
Daarmee wordt een wijngaard iets groters dan een plek om druiven te telen. Het is een stuk grond dat, natuur-inclusief beheerd, kan bijdragen aan een landschap waarin bestuivers weer terechtkunnen.
Niet als bijzaak naast de wijnbouw, maar als onderdeel van hoe je met de grond omgaat. Wie dat van dichtbij wil meemaken, kan participeren in de wijngaard en het seizoen aan een eigen rank volgen.
FAQ
- Kun je zelf iets doen voor wilde bijen in een gewone tuin?
- Ja, en het hoeft niet groot te zijn. Laat een hoekje ongemaaid, laat dood hout liggen en zorg dat er van maart tot september steeds iets bloeit. Een stukje onbewerkte, zonnige grond is vaak waardevoller dan een bijenhotel.
- Zijn bijenhotels nuttig?
- Voor een deel van de soorten wel, maar niet voor de meeste. Ongeveer driekwart van de wilde bijen nestelt in de grond en heeft niets aan een hotel. Kale, zandige grond op een zonnige plek helpt die groep veel meer.
- Steken wilde bijen?
- Nauwelijks. De meeste wilde bijen leven solitair en hebben geen volk of voorraad te verdedigen; veel soorten hebben bovendien een angel die te zwak is om door de menselijke huid te komen. Ook de sociale soorten, zoals hommels, steken zelden en alleen als hun nest echt bedreigd wordt.
Word gratis lid van de Wijndomein Bergen Academy
Elke week een nieuw onderwerp over duurzame wijnbouw in Nederland.
Test je wijnkennis · Domein Bergen Academy
